Dag zuiderzon



"Wie hou ik hier eigenlijk voor de gek?" zuchtte ik tijdens een gesprek met mijn man. Ik begon de was iets ruiger op te plooien, voelde een gevoel van machteloosheid oplaaien.

Ik was de voorbije weken aan het dromen geslagen over een leven in het zuiden. Een leven in een streek waar kinderen en moeders als waardevoller beschouwd worden dan hier, waar je moet gaan werken om rond te komen, maar de crisis in de kinderopvang blijft aanhouden. Waar je moet werken alsof je geen kinderen hebt en je kinderen moet opvoeden alsof je niet werkt. Daar ben ik weer, met mijn wens naar een trager leven.

Ik kon me zo voorstellen hoe Lucas uren kon doorbrengen aan het strand, in een uitgestrekte tuin of veld onder de warme zuiderzon. Mijn geest zat al te genieten van zwoele muzikale avonden. Ik zat al op een terras, te genieten van de ochtendzon op mijn snoet, nippend van mijn koffietje tijdens een aangenaam gesprek met mijn schoonmama, gelach van de kinderen op de achtergrond.

Hoe zalig zou dat wel niet zijn?

Hoe dromerig klinkt het ook?

En dan komt de realiteit even aankloppen. Ja, maar...
Ja, maar wie laat je hier achter? Ja, maar waarvan moeten we dan leven? Ja, maar we kennen de taal niet. Mij houdt dat niet echt tegen. Zouden we daar echt niet dapper genoeg voor zijn? Ik vroeg het me af, sprak erover alsof het allemaal erg te doen was. Ik was ervan overtuigd dat we een plan konden opstellen. En toch zal het er niet van komen, want ik wil niet dat Lucas weg van de familie die van hem houdt moet opgroeien.

Toch voelde het even als een slag in het gezicht. Het is niet dat ik hier ongelukkig ben, maar ik voel me niet meer in lijn staan met wat ik wil bereiken. Voor de geboorte van mijn zoon dacht ik echt dat ik het verschil kon maken in het onderwijs. Ik dacht dat ik echt iets kon betekenen voor mijn leerlingen, maar ik ben beginnen beseffen dat mijn invloed nooit ver zal reiken. Het zit gewoon niet in mij om het politieke spel, de keerzijde van die medaille, mee te spelen. Ik ben geen handenschudder, ja-knikker, mouwfrotter om een beleidspositie te vervullen. Ook niet om het verschil te kunnen maken zoals ik het zelf zie. Dan denk ik ook dat je de voeling met de leerlingen en de leerkrachten, die op de eerste lijn staan, verliest in het grote spel der politiek, want hoe kan de politiek anders zo ver van haar volk staan in dit land? Ik ben ook helemaal niet bereid om minder aanwezig te zijn voor mijn gezin om "misschien", "ooit" een verschil te maken.

Ik maak sinds Lucas geboren is ook vaak de vergelijking met andere landen. Wij zijn een van de weinige landen waar kinderen op de leeftijd van 2.5 jaar al naar school gaan. Bij de meeste landen is dat pas na 4 jaar. In Finland, hoogst aangeschreven voor het onderwijs daar, is dat zelfs pas vanaf 6 jaar. Ik stel me ook serieuze vragen bij het peuter- en kleuteronderwijs. Ik hoor dat een klasje van 16 kindjes de gewenste standaard is, maar ook dat negen kindjes in de kinderopvang te veel is. ik hoor dat peuterklasjes bij kleuterklasjes worden gevoegd, dat de groepen oplopen tot 20 à 30 kindjes en dat maakt me bang voor mijn eigen kind. Ik hoor verhalen over toiletbezoeken die uit de hand lopen, kindjes die zonder assistentie naar toilet moeten en bijgevolg heel lang blijven zitten, hun broek verkeerd optrekken waardoor ze alles onderplassen of zonder broek over de speelplaats lopen... Dat er kleuters meegestuurd worden om de peuters te helpen, terwijl ze dat helemaal nog niet kunnen...

Ik heb daar veel weerstand tegen, moet ik toegeven.

Misschien is het daarom dat ik hunker naar een andere omgeving, waar ik zulke verhalen nog niet heb gehoord. Misschien is het ook daarom dat het als een nederlaag aanvoelde toen ik het idee moest loslaten, want ik wil graag mijn kindje bij me houden tot hij zelf klaar is voor school. Ik kan me niet inbeelden dat hij binnen anderhalf jaar al zonder dutje kan, dat hij niet verloren loopt in die grote groep van 30 kinderen, dat hij niet overweldigd is op de speelplaats met die wilde lagere schoolkinderen. Sociale vaardigheden stimuleren is één ding, maar dat is iets totaal anders, lijkt me. Als ik kon, nam ik mijn zoontje en zijn neefjes hele dagen bij mij om ontwikkelingsstimulerende activiteiten te doen. Ik zou schattenjachten uitwerken, schildernamiddagen organiseren, koken en bakken, muziek maken, dansen, werkstukjes maken, verhaaltjes lezen... Alles in teken van de kindjes. Dat mijn huis er chaotisch zou bij liggen, zou me dan geen zier kunnen schelen.

Alles in teken van de kindjes.

Ik probeer nog steeds erg op het ritme van Lucas te leven. Als hij thuis is, bepaalt hij de dag. Mama moet nog steeds geld binnenbrengen. We hebben nog afbetalingen, nog renovaties uit te voeren... Maar als Lucas thuis is, moet hij zelden echt om aandacht vragen. De dag na dat gesprek met mijn man vernam ik dat mijn burin verhuisde. Haar relatie met de vader van haar kind was op de klippen gelopen. Een lose-lose situatie. Voor beide partners, maar toch ook een stukje voor hun zoontje, hoewel ze ook hun best doen om de breuk zo zacht en gemoedelijk mogelijk te laten verlopen voor hem. Ik bedacht me dat, hoewel we ook onze slechtere momenten hebben, mijn man en ik toch wel echt een stevig gefundeerde relatie hebben. Lucas moet bijna nooit een discussie getuigen en als dat zo is, wordt er nooit geroepen, geschreeuwd, gescheld... We maken het ook altijd goed in zijn bijzijn; een waardevolle les, heb ik me laten vertellen.

"We doen het nog zo slecht niet, he?" vroeg ik dan aan mijn man. "Lucas is toch gelukkig, denk ik," zei ik met enige onzekerheid.

Ik dacht terug aan de dag die Lucas tot dan toe had gehad. Hij was wakker geworden in ons bed. We hadden geknuffeld, papa had hem gekriebeld. Nog voor we waren opgestaan, was de schaterlach van zijn lippen ontsnapt. 's Middags had hij spaghetti gegeten, zelf met zijn lepeltje in het bordje gepord. Hij had de zandbak ontdekt, een trapje genomen in de veranda, gevlogen in de tuin. Hij had mama geholpen met het inladen en aanzetten van de wasmachine en droogkast. Hij had koffie mogen helpen zetten en in het ballenbad gespeeld. En dat allemaal thuis, zonder zuiderzon. Ik hoop dat hij later zal weten dat we altijd ons uiterste best hebben gedaan voor hem, en dat hij dat zal weten te appreciëren, ook als de maatschappij ons daarin niet ondersteunt.


Reacties

Populaire posts